info@cultuurvogelweb.nl

De kweek met de zwartkop (Sylvia atricapilla)

Zwartkoppen komen tijdens het broedseizoen in vrijwel heel Europa voor. In Nederland en België zijn ze te zien vanaf april. Zwartkoppen blijven echter ook steeds vaker hier. Vooral in het westelijk deel van Nederland, waar door het zeeklimaat het in de winter wat minder streng is. Dit geldt niet voor alle zwartkoppen. Het aantal dat hier blijft loopt wellicht in de honderden, maar het overgrote deel en dat zijn er tienduizenden, overwintert rond de Middellandse Zee en in West-Afrika. Een deel trekt zelfs, net als de braamsluiper, via Italië en Egypte naar Ethiopië en Oost-Afrika.

Jonge zwartkoppen foto van het kweekseizoen 2013   

Steeds vaker worden ze waargenomen in onze steden en dorpen. De zwartkop is bepaald niet kieskeurig wat betreft het voedsel en kan als een soort alleseter onder de zangers worden beschouwd. In het najaar vooral veel bessen van meidoorn, vlier en ook bramen lusten ze graag, wat op zich niet zo bijzonder is, want veel insectenetende zangvogels schakelen in het najaar op bessen over als het aanbod aan insecten steeds minder wordt door de dalende temperatuur. Het hoge suikergehalte in de bessen zorgt er voor dat dit omgezet wordt in vet, dat dient als voedselreserve tijdens de trektocht. Het aantal broedparen in Nederland is ongeveer 70.000-120.000. De zwartkop geldt niet als bedreigde vogel.

In het najaar kwam ik in bezit van een koppel zwartkoppen. Eigenlijk door een toeval. Ik had een advertentie geplaatst voor een koppel zwartkopmezen (glanskop of matkop). Door een misverstand werd er op gereageerd, maar dit bleken zwartkoppen te zijn. Daar ik de hoop had opgegeven nog een koppel glans- of matkoppen te kunnen bemachtigen, besloot ik het koppel aan te schaffen. Ook omdat de zwartkop geldt als een vogel, die vrij gemakkelijk met andere Europese insecteneters gehouden kan worden. Het koppel werd geplaatst in een buitenvolière samen met een blauwborst pop, die 's winters gescheiden van de man moet blijven i.v.m. met het agressieve gedrag van de man buiten het broedseizoen. Mijn insecteneters zijn gehuisvest in een begroeide volière van ongeveer 4 meter breed en 2 uitlopend naar 3m diep. De volière heeft een dicht dak en is aan de voor- en achterkant open. De zijkanten hebben policarbonaat platen. De bodem bestaat uit een laag natuurlijke houtsnippers, die af en toe wordt aangevuld als de plantsoenendienst bomen heeft gesnoeid en de takken heeft gehakseld. Regelmatig wordt materiaal verwijderd waar mest zich heeft opgehoopt. De volière is met kunststofgaas in twee delen gedeeld.

Mijn insectenetende vogels krijgen een mengsel van zelfgemaakt eivoer, pinky's, buffalo wormen en meelwormen, van elk 1 theelepel per vogel. Alle insecten komen uit de diepvries. Daarnaast wat universeel (pellets of standaard) en insectenpaté van Versele Laga. Er is altijd vers drink- en badwater beschikbaar. Dit wordt bewerkstelligd door een automatisch waterverversingsysteem, dat ik al een keer heb beschreven in het clubblad.

Nadat ik ze in de volière had geplaatst, bemerkte ik gedurende een maand dat er bij de pop sprake was van enig conditieverlies. Het vleugelpak was een klein beetje warrig, maar na het uitvangen kon ik niets bijzonders ontdekken. Het kan te maken hebben gehad met de omschakeling naar een ander type voer, of het aanleggen van het zomerkleed. Geleidelijk werd het verenpak weer strakker. Vanaf begin april begon de man te zingen. Het was minder uitvoerig dan ik had gedacht. Er was nu ook een verandering in gedrag waarneembaar. Pop en man vlogen regelmatig snel heen en weer door de volière en ook werd er af en toe even uitgehaald naar de blauwborst pop, zonder dat dit tot ernstige schermutselingen leidde. In de volière staat een recent aangeplant dennenboompje, dat tijdens de kerst zijn dienst had bewezen. Vaak zag ik zowel de man als de pop in dit boompje scharrelen. Omdat ik wilde voorkomen dat er een te los nest in deze schaarse begroeiing zou worden gebouwd, plaatste ik een metalen nesthouder met daarin een vastgezet kokosmandje. Het geheel werd stevig vastgezet in het boompje met ijzerdraad. Al gauw werd dit nestje verkend en vrij snel kon men ze man en de pop soms wel een paar kwartier lang op het nest zien zitten. Inmiddels was het nestje ook aangekleed met kokosvezel. De zwartkoppen gebruikten uitsluitend de bruine vezel en niet de witte sisal. Het vreemde was dat het langdurig op het nest verblijven ook gebeurde toen er nog geen eieren waren. Vanaf 27 april bleken man of pop aaneengesloten op het nest te verblijven. Ik kon pas op 30 april zien dat er 2 eieren in het nest lagen. De vogels zitten bijna continu op het nest en ik wilde ze hierbij niet storen. De eitjes zijn bedekt met bruin-oranje vlekjes.

Soms komt het voor dat de man en pop samen op het nest zitten. Omdat er geen plek is voor twee, gaat de man boven op de pop zitten.

Precies na 13 dagen komt het eerste ei uit. Het jong is geheel onbedekt en heeft een vleeskleurige kleur. Ik ben al een aantal weken nachtinsecten aan het vangen met de insectivoro. Het zijn veel kleine muggen en vliegjes. Vanaf dit moment begin ik deze insecten te geven, die in de diepvries zijn bewaard. Ik geef een deel in een bakje water en een deel los in een voerschaaltje. Ook knip ik nu de buffalo wormen, omdat zij te groot zijn om in zijn geheel aan het jong te kunnen geven . Na drie dagen is plotseling het nest leeg. Het jong heb ik niet meer terug kunnen vinden. De dagen er na zie ik de man en de pop regelmatig aan de achterkant van het dennenboompje scharrelen. Kennelijk zijn ze weer begonnen een nest te bouwen. Ik wil in deze fase niet de volière in om het te bekijken, omdat er een kans is dat dit het proces verstoort. Op 19 mei zie ik telkens nog maar een vogel, of de man of de pop. Het lijkt er op dat er weer gebroed wordt. Het was even zoeken, maar inderdaad is er een prachtig komvormig nest gebouwd in de vork van een tak. Er liggen drie eieren in. De geschiedenis van de eerste ronde herhaalt zich. De meeste tijd zie ik geen zwartkop meer. Aan de andere zijde van het kunststofgaas in dezelfde volière is er ook nieuws. Ook de blauwborsten zijn aan het broeden.


Het nieuwe nest zit helemaal verscholen in het groen. foto van het kweekseizoen 2013   

Na exact 14 dagen, lag er een jong in het nest. De andere twee eieren bleken later onbevrucht te zijn. Vanaf dat moment ben ik begonnen om de diepvries insecten een klein beetje fijner te maken met een vijzel. Ook gaf ik weer insecten, die ik met de insectivoro ving. Dit waren naast heel veel muggen ook nachtvlinders. Ook de laatste werden fijner gemaakt. Nog steeds werd het jong bij toerbeurt door de ouders warm gehouden. Nestcontrole voerde ik minimaal uit. De eerste ervaringen met deze vogels wild ik niet al te zeer op de proef stellen. Omdat de beplanting in de volière hard groeide, was er na verloop van tijd ook te weinig licht voor de webcam, zodat ik deze naar een andere volière heb moeten verplaatsen. Al die tijd heb ik wel vast kunnen stellen dat het jong goed werd gevoerd. Dit is ook een beetje geluk hebben. Een nest met maar één jong wordt vaak in de steek gelaten door de ouders, omdat het grootbrengen van één jong instinctief niet opweegt tegen de energie die daar voor nodig is. Na een dag op 16 zag ik dat het jong het nest had verlaten. Het is nog niet in staat om te vliegen en nog zeker 14 dagen hield het zich het grootste gedeelte van de tijd schuil tussen de beplanting. Het jong zag er uit als de pop met een klein bruin kapje. In de weinige kweekverslagen die over zwartkop bekend zijn, had ik gelezen dat de man vaak intolerant wordt als een jonge vogel eenmaal de beschutting heeft verlaten en zich vrij in de volière beweegt. Ik was hier dus zeer alert op, maar heb hiervan nooit iets kunnen bespeuren. Het feit dat het jong een pop was, is hier zeker de reden van. Omdat er geen enkel probleem was heb ik het jong gewoon bij de ouders gelaten. Hierna werd er door de zwartkoppen nog tweemaal een poging ondernomen om een ronde jongen voort te brengen. Het eerste nest had slechts één ei, dat onbezet bleek. Hierna kwam er een nieuwe poging met twee eieren. Beide waren onbezet. Alle eieren werden in hetzelfde nest gelegd en ook weer beurtelings door de pop en de man bebroed. Het is opmerkelijk dat het nest zo schoon is. Er is niets van te zien dat het al drie keer is gebruikt.

Bij het schrijven van dit artikel is het 1 september. Het kweekseizoen is afgelopen. Veel vogels zijn in de rui. Zo langzamerhand begin je de volières klaar te maken voor de rustperiode. Nestkastjes weg, rui veren opruimen, nieuw zand etc. Ook de volière van de zwartkoppen kwam aan de beurt. Wat schetst mijn verbazing. De zwartkoppen waren weer aan het broeden nu met vier eieren in het nest, waarvan er minimaal drie van zijn bezet. Het is een dilemma, stoppen of "de natuur" haar gang laten gaan. De vogels vertonen nog geen spoortje van rui en zien er conditioneel goed uit. Ik besluit het af te wachten. Als het broedsel uitkomt, kan ik altijd nog beslissen een deel van de tijd verder met de hand te voeren om de vogels niet al te laat in de rui te laten vallen. Tot zo ver mijn eerste ervaringen met wat meer insecteneters in de volière. Het is al met al een redelijk begin geweest en ik heb genoten van de blauwborsten en de zwartkoppen.